Over honderden reacties onder één nieuwsbericht, een hoofdpersoon die zelf niet meepraat, en een Koning die zei: Ik was een vreemdeling

Vorige keer was het een karretje. Vandaag is het een nieuwsbericht over asielopvang, ergens in het land. Welke gemeente, welke nieuwssite, het doet er niet toe. Het had bijna overal kunnen zijn, en dat is precies het punt.

Het bericht zelf is zakelijk. Een gemeente, een wet, een ministerie dat druk zet. Een paar honderd woorden, keurig opgeschreven. Maar daaronder gebeurt het. Binnen een dag staan er honderden reacties, op de site zelf en op de sociale media eromheen. Wij hebben ze gelezen. Allemaal. Niet omdat dat opbeurend was, maar omdat een reactiekolom soms meer over een land vertelt dan het bericht erboven. Wie wil weten wat er onder mensen leeft, moet af en toe durven doorscrollen.

Dus dat deden we. En dit is wat we tegenkwamen.

Wat er onder het bericht gebeurde

Er is veel bijval voor iedereen die nee durft te zeggen. Volhouden, klinkt het tientallen keren, met gebalde spierballen erbij. Genoeg is genoeg. Vol is vol. Er is woede richting Den Haag: dwang, dictatuur, machtsmisbruik. Woorden die ooit voor heel andere regimes gereserveerd waren, worden moeiteloos van stal gehaald. Er is cynisme over de democratie zelf: stemmen heeft toch geen zin, alles is allang besloten, wij mogen alleen nog betalen.

En dan zijn er de woorden voor de mensen om wie het allemaal gaat. Import. Tuig. Rommel. Iemand schrijft, letterlijk: weg met al dat onkruid. Een ander waarschuwt voor jonge gasten op fatbikes en houdt zijn dochter alvast binnen. Weer een ander weet zeker dat het allemaal onderdeel is van een plan, van duistere machten die de wereld besturen en volkeren willen omruilen.

Vanaf de andere kant vliegen de etiketten net zo hard terug. Wie zorgen uit, is een racist. Binnen een handvol reacties liggen de vergelijkingen met de oorlog op tafel, in beide richtingen, en niemand die er nog van opkijkt. Ergens halverwege ontspoort het in een persoonlijke ruzie tussen twee reageerders die elkaar pagina na pagina aftroeven, tot en met het verzoek om dan maar een adres te geven, dan komt men wel even langs. Dat het uiteindelijk eindigt met een grap over koffie die klaarstaat, is bijna vertederend. Bijna.

Iemand zet er spottend een bingokaart tussen: alle voorspelbare kreten netjes op een rij, allemaal al aan te kruisen. En iemand anders merkt droog op dat de nieuwssite intussen aan elke klik verdient en dus geen enkele reden heeft om in te grijpen. Ook dat is waar. Verontwaardiging is een verdienmodel geworden, en wij leveren de grondstof gratis aan.

Wat er onder de woede ligt

Het zou makkelijk zijn om hier te blijven staan, hoofdschuddend. Kijk ze eens schreeuwen. Maar wie alleen dat doet, maakt precies de fout die hij afkeurt: hij vat mensen samen in hun lelijkste zin.

Want lees het nog eens, langzamer. Er schrijft iemand dat de kinderen noodgedwongen tot hun dertigste thuis wonen, omdat er geen huurhuis te krijgen is. Iemand vraagt zich af of de zorg en het pensioen straks nog op te brengen zijn. Iemand wijst op een aanmeldcentrum elders in het land dat al jaren uitpuilt, en op een overheid die al even lang belooft dat het minder wordt en het niet waarmaakt. Iemand voelt zich door Den Haag niet gezien, en krijgt dat gevoel bij elke nieuwe maatregel opnieuw bevestigd.

Die zorgen zijn niet allemaal onzin. Een deel is heel reëel, meetbaar, en al jaren aan het woekeren. Wie dat wegwuift als onderbuik, jaagt mensen alleen maar verder in de armen van wie er garen bij spint. Angst kleedt zich zelden netjes aan. Ze praat hard, wijst snel en zoekt een schuldige, omdat dat lichter draagt dan machteloosheid. Jezus keek door dat rumoer heen. Toen de menigte achter Hem aan drong, zag Hij geen dom volkje, maar schapen zonder herder, en Hij werd met ontferming bewogen.

Laten we het daarom eerlijk zeggen: over asielbeleid mag je van mening verschillen, ook als christen. Over aantallen, over draagvlak, over wat een dorp aankan, over wat een overheid van gemeenten mag vragen. Dat gesprek moet zelfs gevoerd worden, scherp en op inhoud. De Bijbel levert geen migratiewet, geen quotum en geen verdeelsleutel.

Waar de grens ligt

Maar ergens ligt een grens, en in die kolommen wordt hij honderden keren gepasseerd, bijna achteloos. De grens ligt daar waar mensen ophouden mensen te zijn.

Onkruid wied je. Rommel zet je aan de straat. Tuig sluit je op. Import stuur je retour afzender. Wie zulke woorden kiest, heeft het niet meer over beleid; die heeft de mensen zelf al afgeschreven, nog voor er één naam is gevallen. Het lijkt onschuldig, het zijn maar lettertjes op een scherm. Maar taal gaat altijd ergens aan vooraf. De geschiedenis heeft geleerd dat ontmenselijking nooit bij woorden blijft. Het wrange is dat diezelfde geschiedenis in die kolommen volop voorbijkwam, alleen steeds als knuppel om de ander mee te slaan.

Jakobus schrijft iets ontnuchterends over de tong. Met dezelfde mond, zegt hij, zegenen wij God en vervloeken wij mensen die naar Gods beeld gemaakt zijn. Dat kan niet allebei waar blijven; uit één bron komt geen zoet en bitter water tegelijk. Elke asielzoeker draagt dat beeld. Elke statushouder. Elke Oekraïner. En ja, ook elke woedende reageerder.

Want ontmenselijking heeft twee smaken, en de tweede is netter verpakt. Wie iedere bezorgde dorpsgenoot meteen wegzet als racist, doet in de kern hetzelfde: een mens samenvatten in een etiket en het gesprek voor gesloten verklaren. Ook dat gebeurde volop, en ook daar werd applaus voor uitgedeeld. Polarisatie eet van twee walletjes, en beide kanten voelen zich door de ander gerechtvaardigd.

De grote afwezige

Het viel ons pas na een tijdje op, en toen liet het niet meer los. In honderden reacties werd er over asielzoekers geschreven. Gejuicht, gewaarschuwd, gerekend, gescholden, verdedigd. Maar er werd niet één keer iets aan hen gevraagd. De hoofdpersoon van het hele verhaal komt in het hele verhaal niet voor. Geen naam, geen gezicht, geen geschiedenis. Alleen een categorie waar je voor of tegen kunt zijn.

De Bijbel kent die reflex, en gaat er dwars tegenin. Israël krijgt zijn omgang met de vreemdeling niet aangereikt als beleidsstuk, maar als geheugensteun: jullie weten zelf hoe het voelt, want jullie zijn vreemdeling geweest in Egypte. Behandel de vreemdeling die bij je woont als een geboren landgenoot, staat er in Leviticus, en heb hem lief als jezelf. Deuteronomium gaat nog een stap verder: God zelf heeft de vreemdeling lief, Hij geeft hem brood en kleding, en zijn volk mag daarin achter Hem aan.

En dan is er dat Kind uit het kerstevangelie, dat kort na zijn geboorte met zijn ouders de grens over vluchtte voor geweld. Onze Heer weet uit ervaring wat het is om ergens te moeten aankloppen. Later zou Hij het huiveringwekkend dichtbij halen: Ik was een vreemdeling, en jullie hebben Mij opgenomen. Wat je voor een van deze geringsten deed, deed je voor Mij. Over de precieze reikwijdte van die woorden kun je studeren. Wat niet kan, is doen alsof ze er niet staan.

Nogmaals, hieruit rolt geen kant en klaar opvangbeleid. Christenen kunnen verschillend denken over het hoe. Maar over het wie is de Schrift niet vaag. De vreemdeling is in de Bijbel geen bedreiging van Gods orde. Hij is er een toets van. Aan de rand van de samenleving, zegt het Woord telkens weer, daar zie je wat een volk werkelijk gelooft.

Daar worden jullie kerken niet voller van

Tussen alle reacties zaten ook een paar speldenprikken onze kant op. Iemand sneerde richting de voorstanders van opvang dat hun kerken er heus niet voller van worden. Een ander verlangde spottend alvast naar de eerstvolgende preek erover.

En eerlijk is eerlijk: die spot raakt iets.

Niet omdat de kerk voller moet. De gemeente van Christus is geen vereniging met een ledenwerfprobleem; ze is een lichaam dat haar Heer volgt, of dat nu groeit of krimpt. Maar de spot raakt wel onze geloofwaardigheid. Want achter een flink deel van die schermnamen zitten, reken maar na, gewoon kerkgangers. Mensen die zondag zingen over genade en maandag typen over tuig. De wereld beoordeelt ons getuigenis niet aan de hand van onze belijdenis, maar aan de hand van onze reactiekolommen.

Stel je voor dat het andersom was. Dat je aan de toon van een reactie kon herkennen dat er een volgeling van Jezus achter zat. Niet omdat die reactie slap was of overal ja op zei, maar omdat er iets anders doorheen klonk. Rust in plaats van paniek. Mensen in plaats van etiketten. Hoop in plaats van ondergang. Zout proef je en licht zie je, ook onder een nieuwsbericht. Misschien wel juist daar, want daar is het op dit moment behoorlijk donker.

Dichter bij huis dan ons lief is

En voordat we te tevreden raken over onze eigen analyse: dit mechanisme woont niet alleen onder nieuwsberichten, en het houdt niet netjes halt bij de kerkdeur. Ook in christelijke gemeenschappen wordt over mensen gesproken in plaats van met hen. Ook daar worden namen soms vervangen door etiketten, wordt de ongunstigste uitleg sneller geloofd dan de liefdevolste, en gaat gelijk krijgen af en toe boven elkaar verstaan. De reactiekolom is een spiegel, geen dierentuin. Wie meesmuilt om het gescheld van anderen en in eigen kring hetzelfde spel speelt, alleen met nettere woorden en een vromer vernisje, moet eerst de balk uit het eigen oog halen.

Dat schrijven we niet vanaf een tribune. Dat schrijven we ook aan onszelf.

Een ander geluid

Want dit is het goede nieuws, en het stond er echt, midden tussen het geschreeuw: het andere geluid bestond ook. Iemand schreef dat we hier samen voor horen te staan, net zoals we samen staan voor andere zorg. Iemand geloofde hardop dat de eigen streek deze mensen werkelijk zou kunnen helpen. Iemand deelde stilletjes een link met voorbeelden van opvang die wél goed gaat. Die reacties kregen weinig duimpjes. Hoop schreeuwt zelden het hardst. Maar ze waren er, als groen tussen de tegels.

Wat kunnen wij daaraan toevoegen, wij die ook een toetsenbord hebben en een mening? Drie vragen kunnen helpen, elke keer opnieuw, voordat de duim het verzendknopje raakt. Zou ik dit hardop zeggen als de mensen over wie het gaat naast me op de bank zaten? Praat ik over mensen, of zou ik ook mét ze kunnen praten? En zou iemand aan mijn woorden kunnen zien wie ik volg?

En dan één stap voorbij het scherm, misschien wel de belangrijkste. Leer er één kennen. In vrijwel elk dorp wonen inmiddels mensen met een vluchtverhaal. Er zijn taalcafés, maatjesprojecten, kerken die een maaltijd organiseren. Angst overleeft zelden een gedeelde tafel. Wie eenmaal de naam kent van het gezin drie straten verderop, en weet waarvoor ze zijn weggevlucht, krijgt het woord import niet meer uit zijn vingers. Onkruid blijkt dan opeens een naam te hebben. En wie een naam heeft, is geen categorie meer.

Dat is geen naïviteit. Problemen mogen benoemd worden, hardop en scherp, ook richting beleid, ook richting mensen die zich misdragen, van welke afkomst dan ook. Maar mensen zíjn geen problemen. Mensen hebben problemen, of veroorzaken ze soms, net als wij allemaal. En ze worden intussen gedragen door dezelfde God die ons draagt.

Er wordt meegelezen

Volgende week is er weer een ander bericht, en scrolt dit alles uit beeld. De reacties worden vergeten, zelfs door wie ze schreef. Maar woorden verdampen niet zomaar. Ze slaan neer, in harten, in huiskamers, in hoe een dorp naar nieuwkomers kijkt nog voordat er één is aangekomen.

De vreemdeling las die avond waarschijnlijk niet mee. Maar er leest wel Iemand mee. Dezelfde die zei dat wat wij voor de minste van zijn broeders doen, wij voor Hem doen. Dat is geen dreigement om ons stil te krijgen. Het is een uitnodiging om onze woorden even serieus te nemen als Hij mensen neemt.

Uiteindelijk zijn wij zelf vreemdelingen en bijwoners, schrijft Petrus. Mensen die tegen elke logica in werden thuisgebracht. Genade is dat er Iemand opendeed toen wij aanklopten zonder één papier dat iets waard was. Wie daarvan leeft, kan het zich veroorloven om mild te zijn in een verhit debat. Niet slap. Mild. Scherp op de zaak, zacht op de mens.

Dat is misschien wel het meest tegendraadse wat je vandaag onder een nieuwsbericht kunt doen. Laten we die plek innemen.

Er wordt meegelezen. Gelukkig maar.

Het volgende stuk zoomt uit op dit topic. Deze kun je vanaf donderdag hier lezen.

Blijf op de hoogte 📖
Nieuwe blogs direct in je inbox.

Meld je aan en ontvang iedere zaterdagmorgen een e-mail met een overzicht van de nieuwe blogs op Woord & Geest.

We sturen alleen een mail bij een nieuw artikel. Geen spam. Lees ons privacybeleid voor meer info.