Er zijn van die momenten in het geloof waarvan je achteraf denkt: dit had ik niet kunnen bedenken. Dit is groter dan mijn theologie, groter dan mijn kerkelijke achtergrond, groter dan welke stroming dan ook. Zo’n moment maakte ik onlangs mee. En het heeft me diep geraakt.

Ik zat op een doordeweekse avond in een klein zaaltje. Niets bijzonders, op het oog. Een kring van zo’n vijftien mensen, koffie op tafel, Bijbels open. Het thema van de avond was eenvoudig: Wat heeft God de afgelopen jaren in jouw leven gedaan? Geen inleiding van een spreker. Geen programma. Gewoon: delen.

En toen gebeurde het.

Martijn

Martijn begon. Medio dertig, baard, sneakers, het type dat je eerder bij een festivalterrein verwacht dan in een kerkzaaltje. Hij vertelde hoe hij jarenlang actief was geweest in een ‘zeer vrije’ beweging. Conferenties, aanbiddingsavonden, profetische woorden, gebedstunnels. Hij had het allemaal meegemaakt. En eerlijk: hij had er veel in ontvangen. Er waren momenten van diepe ontmoeting met God geweest. Momenten waarop hij wist: de Heilige Geest is echt, Hij werkt, Hij raakt aan.

Maar gaandeweg begon er iets te knagen. Het werd steeds meer. Steeds intenser. Steeds groter. Nieuwe openbaringen die de Bijbel leken aan te vullen in plaats van te bevestigen. Sprekers die autoriteit claimden die Martijn niet meer kon rijmen met wat hij in de Schrift las. Een cultuur waarin twijfel gelijkstond aan ongeloof. Waarin je niet mocht toetsen, want dan “stond je het werk van de Geest in de weg.”

Hij vertelde het rustig, zonder bitterheid. Maar je hoorde de pijn. “Ik raakte de grond kwijt,” zei hij. “Ik had ervaring, maar geen fundament meer. Alles draaide om het volgende moment, de volgende profetie, de volgende bevestiging. Maar als ik ’s avonds mijn Bijbel opensloeg, voelde ik me leeg. Alsof ik het Woord was verleerd.”

Martijn stapte eruit. Niet uit het geloof, maar uit de beweging. Hij belandde, via een vriend, in een baptistengemeente. Nuchter. Bijbelgericht. Stevige preken. Goede exegese. “Ik had het gevoel dat ik weer kon ademen,” zei hij. “Eindelijk stond het Woord weer centraal.”

Maar na een tijdje miste hij iets. Het gebed was braaf. De diensten waren degelijk, maar ook voorspelbaar. Niemand bad voor genezing. Niemand sprak over de gaven van de Geest. En als hij er voorzichtig over begon, zag hij de gezichten vertrekken. “Alsof ik een vies woord had gezegd.”

Hij zuchtte. “Ik dacht: moet ik dan kiezen? Woord of Geest? Kan het niet allebei?”

Henriette

Toen nam Henriette het woord. Begin vijftig, zachte stem, handen om haar koffiemok gevouwen. Zij kwam uit een heel ander hoek. Opgegroeid in de Protestantse Kerk. Belijdenis gedaan, trouw kerklid, actief in het pastoraat. Haar geloof was geworteld in liturgie, in de Heidelbergse Catechismus, in de vaste structuur van Schriftlezing, preek en zegen.

Maar ook bij haar was iets gaan wringen. Niet omdat de leer niet klopte, maar omdat het geloof zo weinig leefde. “We hadden de juiste woorden,” zei ze, “maar het voelde soms alsof we over God spraken zoals je over geschiedenis spreekt. Feitelijk. Correct. Maar zonder verwachting dat Hij nu ook echt iets doet.”

Ze vertelde over een periode van ziekte in haar gezin. Hoe ze bad, maar eigenlijk niet verwachtte dat er iets zou veranderen. Hoe een buurvrouw, een vrouw uit een pinkstergemeente, aanbood om voor haar man te bidden. En hoe Henriette dat eerst afwees, omdat het haar ongemakkelijk maakte. “Ik dacht: dat is niet hoe wij het doen.”

Maar uiteindelijk stemde ze toe. En wat er die avond in haar huiskamer gebeurde, kon ze moeilijk onder woorden brengen. Geen spektakel. Geen vallen in de Geest. Maar een diepe, warme vrede. Een aanwezigheid die ze niet kon verklaren en ook niet wilde ontkennen. “Ik wist op dat moment,” zei ze, “dat God meer was dan mijn theologie over Hem.”

Vanaf dat moment begon Henriette te zoeken. Ze las Martyn Lloyd-Jones. Ze ontdekte Spurgeon, die met zoveel vrijmoedigheid over de Heilige Geest schreef. Ze las 1 Korinthe 12 en 14 met nieuwe ogen. En ze stelde zichzelf de vraag die ze nooit eerder had durven stellen: hebben wij de Geest soms buitengesloten?

Ze verliet de PKN niet. Maar ze groeide eroverheen. Ze zocht breder. En uiteindelijk kwam ze terecht in diezelfde kring waar ook Martijn zat.

Aan dezelfde tafel

Daar zaten ze dan. De man die de Geest had meegemaakt maar het Woord was kwijtgeraakt. En de vrouw die het Woord altijd had gehad maar de Geest nooit de ruimte had gegeven. Twee mensen uit twee totaal verschillende kerkelijke werelden. En toch herkenden ze elkaar onmiddellijk.

Want ze waren allebei op dezelfde plek uitgekomen. Niet bij een stroming. Niet bij een beweging. Niet bij een kerkgenootschap. Maar bij een overtuiging: het kan niet zonder allebei. Woord zonder Geest is een museum. Geest zonder Woord is een schip zonder roer.

Ik keek die avond de kring rond en voelde de impact van wat daar gebeurde. Twee mensen uit twee totaal verschillende werelden, die elkaar herkenden in het verlangen naar hetzelfde. Dat raakte me diep. En het was die avond die me deed besluiten: hier wil ik over schrijven. Dit verhaal mag niet onverteld blijven. Niet een compromis, niet een watervlak vaagheid ergens in het midden, maar een volle, diepe overtuiging dat God ons twee benen heeft gegeven om op te staan. Het Woord als fundament. De Geest als kracht. Niet het een ten koste van het ander. Zodoende heb ik mij aangesloten bij Woord en Geest.

Paulus schrijft aan Timotheus: “Want God heeft ons niet gegeven een geest van vreesachtigheid, maar van kracht, van liefde en van bezonnenheid” (2 Timotheus 1:7). Kracht en bezonnenheid. Vuur en verstand. Daar zit geen spanning tussen. Dat is de volheid van hoe God het bedoeld heeft.

De gouden midden is geen compromis

Ik weet dat sommige lezers nu denken: dat klinkt mooi, maar is dat niet gewoon een beetje van alles en een beetje van niets? Ik begrijp die vraag. Maar ik geloof het tegendeel.

Het brede midden waar wij voor staan is niet het midden van lauwheid. Het is het midden van volheid. Het is de plek waar je de Bijbel serieus neemt, zo serieus dat je niet durft te zeggen dat de Heilige Geest gestopt is met werken. En het is de plek waar je de Geest serieus neemt, zo serieus dat je alles toetst aan het Woord. Precies zoals Paulus het schrijft: “Blust de Geest niet uit. Toetst alles, en behoudt het goede” (1 Tessalonicenzen 5:19-21).

Martijn vond daar rust. Niet de rust van “het maakt niet uit wat je gelooft,” maar de rust van: hier mag ik verwachten dat God spreekt door Zijn Woord en werkt door Zijn Geest. Hier word ik niet scheef getrokken naar de ene of de andere kant. Hier is ruimte voor het volle evangelie.

Henriette vond daar vrijheid. Niet de vrijheid van “alles kan en alles mag,” maar de vrijheid om God groter te laten zijn dan haar traditie. De vrijheid om te bidden met verwachting. Om te geloven dat de gaven van de Geest niet gestopt zijn na Handelingen 2. En tegelijk stevig geworteld te blijven in het Woord dat al eeuwen standhoudt.

Herken je dit?

Misschien herken je jezelf in Martijn. Je hebt de kracht van de Geest ervaren, maar je bent ook de wildgroei tegengekomen die ontstaat als het Woord losgelaten wordt. Misschien zoek je nu een plek waar je niet hoeft te kiezen tussen vuur en fundament.

Of misschien herken je jezelf in Henriette. Je bent geworteld in een traditie die je lief is, maar je voelt dat er meer is. Dat geloof niet alleen kennis is, maar ook kracht. Dat de Geest niet iets is van vroeger of van “die andere kerken,” maar een levende werkelijkheid voor vandaag.

Waar je ook vandaan komt: je bent niet de enige. Er zijn er meer die deze weg bewandelen. Meer dan je denkt. In stilte, vaak. Omdat het in veel kerkelijke kringen nog steeds niet veilig voelt om dit hardop te zeggen.

Maar het mag gezegd worden. Het moet zelfs gezegd worden.

Want het evangelie is breder dan een stroming. En Christus is groter dan onze hokjes.

“Laat het woord van Christus in al zijn rijkdom in u wonen” (Kolossenzen 3:16).

In al zijn rijkdom. Woord en Geest. Samen. Zoals het bedoeld is.

Blijf op de hoogte 📖
Nieuwe blogs direct in je inbox.

Meld je aan en ontvang iedere zaterdagmorgen een e-mail met een overzicht van de nieuwe blogs op Woord & Geest.

We sturen alleen een mail bij een nieuw artikel. Geen spam. Lees ons privacybeleid voor meer info.