Luister naar dit artikel:
0:00
0:00

Over een lijkschouwer die nooit bestond, de angst die ze verkopen, en een reiniging die in geen enkel flesje past

Het is laat. Ik scrol nog even, dat laatste stukje voor het slapen dat niemand zich de volgende ochtend herinnert, en dan is ze er. Marianne de Vries. Eenendertig jaar gemeentelijk lijkschouwer, meer dan zevenduizend lichamen geopend, net met pensioen. En nu, schrijft ze op LinkedIn, gaat ze eindelijk hardop zeggen wat ze al die jaren op geen enkele overlijdensakte mocht zetten.

Wat volgt is een klein gruwelverhaal. In bijna elk lichaam dat ze opende vond ze hetzelfde. Wormen. Kolonies ervan. Diep ingegraven in de darmwand als wortels in beton. Een dikke, grijze laag over de organen gegoten. En op elke verklaring die ze tekende schreef ze iets anders op. Orgaanfalen. Natuurlijke oorzaak. Complicaties. Nooit wat ze werkelijk aantrof. Nooit de waarheid.

En dan, precies op het moment dat je nekharen overeind staan, komt de verlossing. Twee flesjes. Stap één doodt, stap twee spoelt. Eenendertig jaar zwijgen, en het eindigt bij een winkelwagentje en een knop waarop staat: start de kuur.

Eerst bang, dan geholpen

Je hoeft geen arts te zijn om te voelen dat hier iets niet klopt. En dat is ook zo. Marianne de Vries bestaat niet. Het is een verzonnen personage, een sjabloon dat mensen die dit soort oplichting onderzoeken inmiddels moeiteloos herkennen: een insider die een schokkend geheim onthult dat “zij” voor je verzwijgen, en die toevallig precies weet wat je ertegen kunt kopen. De duizenden vijfsterrenreviews staan erbij om je gerust te stellen. De schaarste, klein bedrijf, regelmatig uitverkocht, meld je aan voor de wachtlijst, staat erbij om je te haasten. En het hele bouwwerk rust op één fundament. Eerst maken ze je bang. Dan verkopen ze je de rust.

Als je echt klachten hebt, moeheid die niet weggaat, een opgeblazen gevoel, een hoofd dat maar niet helder wordt, dan verdien je een echte dokter en geen bekentenis van een lijkschouwer die niet bestaat. Daar wil ik het verder niet over hebben. Want het opvallende is niet dat deze truc bestaat. Het opvallende is dat hij werkt. Ook op mensen die bepaald niet dom zijn. Ook, als ik eerlijk ben, een klein beetje op mij, om half twaalf ’s avonds met een telefoon in mijn hand.

Waarom het pakt

Waarom blijf je hangen bij zo’n verhaal? Niet omdat je oprecht gelooft dat een gepensioneerde vrouw haar hele carrière te grabbel gooit in een Facebookadvertentie. Je blijft hangen omdat het iets aanraakt wat je zelf al langer vermoedde. Dat er iets niet in orde is. Dat er, ergens diep vanbinnen, iets zit wat daar niet hoort. Dat je jezelf niet helemaal schoon voelt.

En dat vermoeden, hoe grof het hier ook wordt uitgemolken, is niet gek. Het is bijna heilig.

Want de mens die aanvoelt dat er vanbinnen iets mis is, heeft gelijk. Dat is geen inbeelding en geen zwakte. Het is een van de eerlijkste dingen die een mens over zichzelf kan zeggen. De vergissing zit hem niet in het gevoel. De vergissing zit hem in de plek. Het zit niet in je darmwand. En het gaat er niet uit met twee druppels op een suikerklontje.

Hier maakt de advertentie een misrekening die veel dieper gaat dan haar nepstatistieken. Ze belooft je dat het probleem lichamelijk is, en dus met een product weg te spoelen. Maar wat je ’s avonds laat naar dat verhaal deed kijken, was geen worm. Het was een geweten.

De reiniging die te koop lijkt

Kijk nog eens naar het woord dat groot op de verpakking staat. Reiniging. Dat is geen toevallige marketingterm. Het is een van de oudste verlangens die een mens kent, en de verkopers weten dat feilloos aan te boren. Wij willen schoon zijn. Niet netjes, niet opgeruimd, maar schoon, tot op de bodem.

De Bijbel kent dat verlangen door en door, en neemt het volkomen serieus. Toen David alles kapot had gemaakt wat er te breken viel, bad hij niet om een betere planning of een frisse start. Hij bad of God hem wilde wassen, witter dan sneeuw. Hij vroeg om een rein hart, iets wat hij zelf niet kon maken. Dat is een heel ander register dan zelfverbetering. Dat is iemand die weet dat de vlek dieper zit dan de buitenkant.

En juist daar zette Jezus zijn scherpste woorden in. Hij verweet de vromen van zijn tijd dat ze de buitenkant van de beker poetsten terwijl de binnenkant vol bleef zitten. Keurig van buiten, en vanbinnen onaangeroerd. Het pijnlijke is dat een parasietenkuur precies dat aanbiedt, alleen dan omgekeerd. Doe iets aan je binnenkant, chemisch, meetbaar, in tien dagen klaar, en voel je eindelijk rein. Het is de honger naar reiniging, verpakt en geprijsd en verzonden vanuit Nederland.

Maar een geweten spoel je niet weg. En een mens die zichzelf schoon koopt, blijft de volgende ochtend met precies dezelfde onrust wakker worden. Alleen nu ook nog een setje leger.

De oudste verkooptruc

Het is verleidelijk om dit af te doen als een randverschijnsel van het internet, iets voor de goedgelovigen, niet voor ons. Maar de motor eronder is stokoud. Petrus waarschuwde de eerste gemeenten al voor mensen die uit hebzucht, met verzonnen verhalen, gelovigen zouden uitbuiten. Paulus schreef over een tijd waarin mensen leraren om zich heen zouden verzamelen die vertelden wat hun oren graag wilden horen. Verzonnen verhalen. Kriebelende oren. Een gehoor dat betaalt om bang gemaakt en daarna gerustgesteld te worden. Er is niets nieuws onder de zon, alleen een betalingslink.

En nu wordt het even ongemakkelijk, want anders blijft het te veilig. Deze truc is de kerk niet vreemd. Wij hebben onze eigen flesjes verkocht. Ook onder een preekstoel kun je mensen eerst bang maken en daarna een oplossing aanreiken. Angst voor de hel, angst voor het einde, angst dat je niet genoeg gelooft, niet genoeg geeft, niet genoeg voelt. En dan, precies op tijd, de kuur. Het juiste gebed, de juiste beweging, de juiste leraar. Wie eenmaal doorheeft hoe dat werkt, herkent het mechanisme van die advertentie meteen. Wij hebben het alleen netter verpakt.

Het begon trouwens al in de tuin. De allereerste verkoper vertelde niet zomaar een leugen. Hij zaaide eerst twijfel, is het echt zo dat God dat gezegd heeft, en bood daarna een kortere weg naar iets wat op zichzelf goed was: kennis, ogen die opengaan, zijn als God. De verpakking was aantrekkelijk. De prijs stond in kleine lettertjes. En de mens greep, omdat het verlangen echt was en de belofte precies daarop mikte.

Geen vrees in de liefde

Waar de advertentie eindigt, begint het evangelie. Niet met een nieuwe angst, maar met het einde van de oude. Johannes schrijft dat er in de liefde geen vrees is, dat de volmaakte liefde de vrees juist buitendrijft. Dat is de tegenpool van alles wat er ’s avonds op je scherm langskomt. De handel draait op angst. God niet.

De reiniging waar je hart naar hunkert is echt. Ze is alleen niet te koop, om de eenvoudige reden dat ze al betaald is. Johannes schrijft even verderop dat het bloed van Jezus reinigt van alle zonde. Alle. Niet in stappen, niet op de wachtlijst, niet zolang de voorraad strekt. En de Geest die daarbij hoort, schreven wij hier vanaf de eerste dag, is geen geest van vreesachtigheid, maar van kracht, van liefde en van bezonnenheid.

Bezonnenheid. Een nuchter hoofd. Precies wat je nodig hebt om half twaalf ’s avonds, met een telefoon in je hand en een verhaal dat je bang probeert te maken.

De worm zat er niet. Maar het verlangen om schoon te zijn was echt. En dat verlangen heeft een adres. Alleen niet op internet.

Er is Iemand die je vanbinnen schoon wil maken. En Hij stuurt geen rekening.

Blijf op de hoogte 📖
Nieuwe blogs direct in je inbox.

Meld je aan en ontvang iedere zaterdagmorgen een e-mail met een overzicht van de nieuwe blogs op Woord & Geest.

We sturen alleen een mail bij een nieuw artikel. Geen spam. Lees ons privacybeleid voor meer info.